Bezinning door Rini Bouwman 25 april 2021

KORTE BEZINNING VIERDE ZONDAG VAN PASEN; 25 APRIL 2021.

Handelingen 4,8-12                        1 Joh. 3,1-2         Johannes 10, 11-18

Een bijzonder evangelie deze zondag. Jezus spreekt over zichzelf in dit evangelie als de goede herder. Het is uitzonderlijk in het evangelie, dat Jezus over zichzelf spreekt als “Ik ben”. Hij doet dat alleen in het evangelie van Johannes en dan in totaal ook maar zeven keer.

Vandaag zegt Hij over zichzelf dat Hij de goede herder is. Het is een beeld dat de mensen van die tijd goed kunnen begrijpen. Ze leven in een wereld waarin landbouw een belangrijke zichtbare rol speelt. Veel meer dan wij, moderne mensen, zijn zij vertrouwd met het landelijke, dorpse leven.

Jezus vergelijkt zichzelf dus met een herder. Een goede herder kent zijn schapen. Hij geeft zelfs zijn leven voor zijn schapen. Zo ziet Jezus zichzelf ook als een goede herder voor degenen die Hem volgen. Hij kent zijn volgelingen en Hij geeft zijn leven voor hen.

Maar Jezus voegt nog iets anders toe. In de woorden van de vergelijking van zichzelf met een herder: “Ik heb nog andere schapen die niet uit deze schaapstal zijn. Ook die moet Ik leiden en zij zullen naar mijn stem luisteren…”. Hiermee zegt Jezus dat Hij er in feite voor iedere mens is, die in Hem gelooft. Voor ieder van ons, gelovige mensen, ligt daar ook een taak. Het Woord van God te verkondigen in Woord en daad.

Het is deze zondag ook Roepingenzondag. We bidden om mensen die hun roeping willen volgen. Die hun leven in dienst willen stellen van God en zijn kerk hier op aarde. De meeste mensen denken dan vaak aan priesters, diakens en pastoraal werkenden evenals aan mensen die als religieuze hun leven leiden.

Maar bij roeping gaat het ook om al die vrijwilligers die werken voor de kerk. Tijd maken om hun onmisbare werk te doen voor hun geloofsgemeenschap op welke wijze dan ook. Bij de liturgie, bij het bezoeken van zieken en ouderen en ga zo maar door.

Uiteindelijk gaat het bij roeping om iedere mens die gehoor wil geven aan de grote opdracht van ons geloof: Bemin God en je naaste. Om in navolging van de Goede Herder ook een herder te zijn voor de mensen om je heen.

En laten we een beetje op elkaar letten.

GEBED.

Goede God,

U bent een goede Herder voor allen.

U draagt zorg voor iedere mens.

Wij vragen U:

Maak ook ons tot een herder voor onze naaste  door de ander nabij te zijn in vreugde en verdriet.                                      En zo onze roeping te volgen.

Dat vragen wij U door  Jezus, uw Zoon, onze Heer.                                                                                                                 Amen.