Preek v.d. Week Henk Bloem 17 januari 2021

2e zondag door het jaar 17 januari 2021 B

Schriftlezingen 1 Samuel  3:3b-10,19 Johannes 1:35-42

Zes keer het woord ‘slapen’. Je zou ervan gaan geeuwen. Als ik zou weten dat de Heer tot mij zou spreken, zou ik rechtovereind, klaarwakker…ik zou denk ik niet eens naar bed gaan. De wijze geestelijke leidsman Eli raadt Samuel: “Als God tot je spreekt kun je Hem toch niet tegenhouden, dus ga maar slapen.” Mogelijk kende hij psalm 127: “God schenkt het zijn vrienden in de slaap.” Spiritueel gezien waren het dorre, droge tijden. Geen wonder dat de jonge Samuel Gods spreken niet meteen herkent. Drie keer roept God heel persoonlijk  ‘Samuel’. De vierde keer komt hij “bij hem staan” (vers 10) en roept “Samuel, Samuel”, twee keer, zoals vaker bij een indringend, persoonlijk appèl (zie ook Eli Eli in Matteüs 27:46).  Ook drie keer ‘nog niet’: in vers 3 bij “de lamp van de Heer” en twee keer in vers 7. Als om te zeggen: er is nog hoop, het is nog niet gedaan! Nog niet ‘over en sluiten maar’. De zo goed als blinde Eli bemiddelt. Zieners zijn vaak blind: hoe minder je ziet met je ogen hoe meer je ziet met je hart.

Johannes gaat door op: “Zie het lam Gods…” in vers 29. De leerlingen vragen Jezus “Waar verblijft u?” Hetzelfde woord blijven als in 8:31 en 14:23 waar het ongeveer betekent: Waar ligt je hart, waar is je thuis? En Jezus laat het hun zien! Andreas is daar zo door geraakt – ik denk niet door een fysieke kamer, maar door te zien waar hij van leeft, waar hij uitput – dat hij ’t meteen zijn broer Simon vertelt: “We hebben de Messias gevonden.” En Petrus wordt door Jezus tot ‘Kefas’ (rots) benoemd, zeg maar tot houvast, steunpilaar. Deze ‘bemiddeling’ is karakteristiek voor Johannes. Dankzij deze bemiddeling wordt steeds anderen de weg naar Jezus geopend. Voor wie het wil zien en opzoeken: Zie Philippus en Nathanaël (1:45-46), de Samaritaanse vrouw en dorpsgenoten (4:28,39), Philippus en Andreas (12:21), Petrus in 18:26 en de geliefde leerling en Petrus (21:7-8) Voor elkaar leidsman ten leven zijn, dat is typisch Johannes. Dat was toch ook de kern van Jezus’ eigen missie?

Het lijkt me dat Samuel zou moeten inschrijven voor de cursus: “Lang niets van God gehoord.” En E. Galeano vertelt van een jongen die met zijn vader op de top van de duinen komt en ineens de zee voor zich ziet en dan stamelt: “Help me kijken.”

Henk Bloem, pastor

Blogs van de week

Bespiegelingen op godsverduistering. Kunnen wij God in deze tijden nog vinden, kunnen wij God nog zien en horen spreken in en om ons heen?

  1. Het boek Samuel vertelt dat in die dagen een woord van de Heer een zeldzaamheid was en dat een visioen niet dikwijls voorkwam. Ik heb dat eerder ‘dorre, droge spirituele tijden’ genoemd. Martin Buber sprak in de nazitijd van tijden van ‘Gottesfinsternis’, godsverduistering. En nu, met deze pandemie, weten veel mensen ook niet waar of wie God is en hoe je tot of over God kunt spreken.
  2. De wijze, bijna blinde Eli weet dat een mens soms meer kan horen dan alleen ‘voices’ en ‘noises’. Weten wij dat nog in onze seculiere tijd, in onze tijd van godsverduistering? Willen we dat nog weten of hebben we het bij de sprookjes gezet? Nescio (dit Latijnse pseudoniem voor H. F. Grönloh betekent: Ik weet het niet) schreef: “God spreekt in mij, alleen zijn stem is wat zwak en onwerkelijk geworden. Hij wil niet dat dit alles allemaal vergaat; hij wil dat er nog iets van blijft, nog even. Dat het nog wat op deze aarde vertoeven zal door mij.”
    Ik vraag me af of het ‘nog niet’ uit de eerste lezing niet hetzelfde is als ‘nog even’ bij Nescio – en ook bij ons? Of denk aan bisschop Wiertz (van Limburg) die vertelde van een vader die zei: “Ik wil mijn kind laten dopen, maar waarom weet ik niet. Ik had gehoopt dat u me dat zou kunnen zeggen”. Waarop Wiertz zei: “Daarin hebben wij gefaald.”
    Hub Crijns dicht:
    Bij zoveel schaarste aan omzien naar elkaar
    Lopen we het risico dat wij
    Het Verbond met God kwijtraken
    Dat God verdwijnt.
  3. De al gestorven abt Ton Baeten schreef: “Kom maar eens kijken waar ik woon.” En dat gaat heel zeker niet alleen over ‘huis kijken’ of ‘inwijden’.
  4. Bemiddeling. Gaat het niet steeds zo? Je ‘krijgt’ het geloof van je moeder. God komt via via tot ons. Speciaal via Christus. Er is een lied van S. de Vries: “Het lied op andere lippen draagt mij dan door de nacht.” Wat betekenen die ‘andere lippen’ voor jouw hoop, jouw geloof, jouw liefde? Jezus heeft een verblijf, een thuis, om weer op te laden. Een machinekamer, een kiemcel.
  5. Hoe zal de wereld er morgen uitzien? Wat kunnen wij anders gaan doen met een nieuwe blik voor elkaar en kijk op de wereld? De corona-epidemie heeft ons een hoop vragen opgegeven, ons geconfronteerd met onze kwetsbaarheid, onzekerheid en bestaande zekerheden overhoop gehaald. Ze heeft veel offers gevraagd en de mensheid op grenzen gewezen. Ze heeft echter ook zichtbaar gemaakt wat er mogelijk is als mensen zich verantwoordelijk voor elkaar tonen: aandacht en ondersteuning voor de zwaksten, wederzijdse bemoediging, bereidheid tot afzien, opgeven en inperking ten behoeve van het bonum commune, algemeen welzijn. Maken we van deze ervaringen gebruik? Het kan! Anders. (Naar een brochure van de Duitse Vastenaktie 2021)
  6. Paolo Giordano, In tijden van besmetting (Bezige Bij 2020).
    “Ik ben niet bang dat ik ziek word. Ik ben bang voor alles wat de coronabesmetting kan veranderen. Ik ben bang dat ik ontdek dat de beschaving die ik ken een kaartenhuis is. Dat alles wordt uitgewist. Maar ik ben ook bang voor het tegenovergestelde: dat als de angst weg is, alles bij het oude blijft.” (blz 23-24)

Waar werd oprechter trouw…(Joost van den Vondel)
Omdat ze alles samen deden
en mijn vader viel
zijn ze samen gevallen.
Het laatste wat ze samen deden
In hun eigen huis
was vallen.
Het laatste wat zij thuis voor hem deed
was zijn val breken
toen brak zij zelf.
We moesten hem uit haar handen nemen
de beslissing viel
buiten haar om.
Mijn vader is nu niet meer thuis
hij is in een te-huis.
(Y. van Emmerik)

Denkend aan het beschamend gebeuren in Amerika veroorzaakt door Trump. En aan ‘t stijgend aantal besmettingen, volle ziekenhuizen en vele doden ten gevolge van de pandemie, schoot het Kyrie eleison van H. Oosterhuis door mijn hoofd:
Wat is de mens wat zijn de dagen
Die aan de mens gegeven zijn
Wankel geluk winnen en wagen
Nieuwe genade oude pijn
Gras dat vergaat, niet minder niet meer
bedacht zijn op de dood in keer en tegenkeer:
God geef de mens woonden van waarde
Niet van het brood alleen leeft hij
God geef de mens leven op aarde
Spreek hem van dode wetten vrij
Kyrie eleison

  1. Schneller, Der weg umarmt mich wieder
    Je gaat de vele schreden
    Je droomt dezelfde droom
    En vermoedend, gelovend, wordt de ruimte
    Die ons omgeeft, tot heilig midden.
    Geef frisse bronnen vrij spel
    Werp jezelf als pelgrim in de wind
    Vertrouw de weg als een kind
    God gaat toch mee – ga gerust.

Henk Bloem, pastor